Eerste in 2001

 

De eerste kilometers in 2001 (6 januari).

De oliebollen, het kerstbrood en alle andere dikmakerijen zaten me behoorlijk dwars en een lichte verkoudheid dwong mij eerst nog tot rust maar zaterdag was het dan toch zover.

Een wegbrengklusje naar mijn zwager in Tubbergen leek mij een leuk ritje. Nu kijk ik over het algemeen niet op een paar kilometer meer of minder en aangezien ik de hele zaterdag de tijd had, stapte ik rond half 11 op de fiets met de gedachte: “ik zie wel”.

Onderweg ben ik diverse andere fietsers (hoofdzakelijk racefietsen, maar ook enkele ATB's) tegengekomen. Bij Holten werd ik zelfs ingehaald door iemand die ruimschoots harder ging. Toevallig namen we beiden daarna een zelfde afslag en mijn afstand tot hem werd toen het eenmaal een meter of 150 was niet veel groter meer. Hij ging af en toe rechtop zitten en versnelde daarna weer. De afstand bleef echter steeds gelijk.

Bij een oversteek van een voorrangsweg bij Rijssen moest hij even wachten en ik ging hem vervolgens virtueel voorbij (hij links van de weg en ik rechts). Toen ik overstak was hij weer voor mij en liep weer wat uit. Ik hield hem echter steeds in het zicht. Dit ging door tot in Enter. Hier ging ik hem net na een oversteek weer voorbij Ik merkte dat hij in mijn wiel bleef, maar hij kwam me niet meer voorbij. Toen ik in Bornerbroek aankwam zag ik hem niet meer. Al met al een 20 km samen oprijden zonder een woord te wisselen.

Dit spel, een waterig zonnetje en een lichte rugwind gaven mij vleugels en tegen half 2 was ik 80 kilometer verder in Tubbergen. (Net voor Tubbergen kreeg ik mannetje 30 te pakken).

In Tubbergen bleek dat wat ik meegenomen had niet van hen was, dus weer terug in de rugzak. Een paar koppen koffie met knieperties (een soort opgerolde wafel) zorgden ervoor dat ik een klein uur later weer fris op de fiets stapte. Gelukkig had ik regenkleding bij mij want een paar korte felle buien vergalden de eerste 10 kilometer.

Mijn terugweg had ik gepland via Duitsland (Uelsen) en Hardenberg - Ommen. Grotendeels door de bossen want ik zou de wind nu tegen hebben.

Naar Duitsland toe klimt de weg geleidelijk naar ca 75 meter hoogte. Daarna weer geleidelijk dalend tot in Hardenberg.

De kilometers beginnen nu te tellen en terug in Nederland staat de teller al op 110 kilometer.

Er volgen een paar stukken door open gebied met de wind tegen. Dit valt niet mee en mijn tempo zakt behoorlijk terug.

Nog ruim anderhalf uur en ik kom redelijk stuk te zitten. Met nog 35 km te gaan krijg ik kort na elkaar 2 lekke banden. Ik heb maar 1 reserveband bij mij en deze blijkt door langdurig verblijf in mijn zadeltas lek geschuurd te zijn. Plakken dus.

Met koude vingers is dit geen pretje. Dit kost me in totaal ruim een half uur. Mijn moraal daalt nog verder en het wordt doorbijten. Het wordt inmiddels steeds donkerder en ik ben blij dat ik de verlichting heb laten zitten. Ik kom nog nauwelijks boven de 25 km/uur uit. Gelukkig is het laatste stuk een weg die ik heel goed ken en ik ben blij wanneer ik rond half 6 Zwolle binnen rijd. Nog een kwartiertje en ik ben thuis.

Op de teller staan 164 km. Mijn langste afstand die ik ooit in de winter (nov-mrt) gereden heb.

Het enige wat ik me nog van die avond kan herinneren is dat de patat heerlijk smaakte en de pils vervolgens nog beter.