Kopenhagen vice versa

Heen: 1-6 augustus 2009

Terug: 7-9 augustus 2009

 

In oktober 2008 staat er in het clubblad van mijn lokale Toerclub Swolland een oproep om je te melden als je zin hebt om met een meerdaagse trip van Zwolle naar Kopenhagen te fietsen. Ik voel wel weer voor zo’n evenement en aangezien het een redelijk stil jaar wordt met brevetten is dit een mooi evenement.

 

Van december tot juli zijn een aantal vergaderingen en worden de details bekend.

Er zullen 6 fietsdagen zijn en bij de “Kleine Zeemeermin” in Kopenhagen is het eind van de route. In totaal 900 kilometer en de terugweg zal per touringcar gaan. Deze touringcar zal ook op de heenreis de bagage vervoeren en ook een paar maal de fietsen herbergen als we een traject hebben waar niet gefietst kan (veerpont) of mag (tunnel in Lübeck) worden.

Ik wil met de Quest mee gaan en al snel komt het plan op om ook de terugweg fietsend af te leggen. Dat maakt het wat uitdagender. Dit is voor de organisatoren geen probleem mits ik maar op eigen risico ga.

 

Zaterdag 1 augustus. Zwolle – Thusfelder Talsperre

 

Op 1 augustus is dan zo ver. 20 personen (18 mannen en 2 vrouwen) staan klaar bij “De Vrolijkheid” in Zwolle Noord om te vertrekken naar Denemarken. Mijn voorbereiding is wat minder grondig geweest dan ik zou willen. Dat de 4-daagse van Nijmegen er tussen zou komen was bij aanmelding nog niet bekend. Deze was nog maar een week geleden afgelopen. Ik heb dan ook in de afgelopen twee maanden samen nog geen 1000 kilometer gefietst.

Bij vertrek zijn het weersomstandigheden goed en de verwachting is dat het de hele periode redelijk warm zal blijven. Wel neemt de kans op wat neerslag tegen het einde toe. Of dat ook allemaal voor Denemarken geldt, is niet goed na te gaan.

 

De eerste etappe gaat via veel bospaden langs Ommen naar de eerste koffiestop in Hardenberg. Na Hardenberg bij Gramsbergen de grens over, Duitsland in. Het is een groot veengebied en we zien nog een enkele “ja-knikker”. De tweede stop is bij Apeldorn, waar we in het bos een hunebed ontdekken. Door de Duitsers: “Gross-stein-grab” genoemd.

Na ruim 170 kilometer bereiken we de Jeugdherberg in Thusfeld, vlakbij een groot stuwmeer.

Na installatie op de kamers kunnen we aanschuiven bij een grill-buffet dat de warme maaltijd siert. In de avond maken we een wandelingetje langs het meer en drinken met z’n allen een paar pinten op een terrasje.

 

Zondag 2 augustus. Thusfelder Talsperre - Bispingen

Om 7 uur op, 8 uur ontbijten en om 9 uur vertrekken. Dat was meestal het motto voor de dag. Een schema dat ruim is, maar wel nodig om iedereen vertrekklaar te krijgen. We gaan dieper Duitsland in en zullen in Bispingen, ten zuiden van Hamburg, een Jeugdherberg vinden.

Het regent in de ochtend af en toe lichtjes, maar een regenjas is niet nodig. Ook is de temperatuur best aangenaam. Rond de middag stopt het met regenen en komt de zon meer te voorschijn. Het wordt meteen warm (tot rond 25 graden).

 

De route is ongeveer even lang als zaterdag, maar meer geaccidenteerd. Het landschap is soms golvend met kleine hoogteverschillen van zo’n 20 meter. Op een van de afdalingen passeert ons langzaam een antieke BMW en ik kan het niet laten er achteraan te sprinten. Ik weet deze bij te houden met een top van net boven de 70 km/uur.

Hadden we gisteren 1 lekke band. Vandaag zijn het er 3.

We pauzeren vanaf vandaag alleen nog bij de bus en dan is dat voor mij bij de eerste stop koffie en bij de tweede neem ik soep en eet het brood uit het lunchpakket. Drinken staat in voldoende mate in de bus.

 

De Jeugdherberg is vrij saai en na het avondeten gaan we met de bus naar Bispingen om daar een terrasje te zoeken. We wandelen eerst wat rond in de plaats en vinden een mooi tuinterras (biergarten) achter een restaurant. Na een paar halve liters bier vangen we (met de bus) de terugreis van 800 meter weer aan naar de Jeugdherberg.

 

Maandag 3 augustus. Bispingen - Lübeck

Een wat kortere etappe. Zo’n 150 km. Het is bewolkt bij vertrek, maar het blijft de hele dag droog. Ook iets minder warm. Het landschap blijft licht golvend. Veel graanvelden en wat boomstroken of soms een bos. Het land is hier leeg en de plaatsjes zijn klein. We blijven gelukkig verstoken van lekke banden, maar moeten wel een paar maal een stukje terug fietsen omdat de route wat moeilijk te vinden was.

De eerste stop is bij een groot sluizencomplex in de Elbe, waar schepen ongeveer 30 meter omhoog of omlaag getakeld worden, zodat ze daarna weer verder kunnen varen.

Eenmaal in Lübeck blijkt de bus er nog niet te zijn, maar een half uurtje later is deze er ook.

Na de maaltijd volgt een rondleiding door de stad. De bus brengt ons weg en met Gerhard Hassink, een van de organisatoren, als net gediplomeerd gids, wandelen we langs de bezienswaardigheden van Lübeck.

Aan het eind van de rondleiding weer zoals gebruikelijk een terrasje met grote glazen bier en daarna terug naar de Jeugdherberg.

 

Dinsdag 4 augustus. Lübeck - Sakskøbing

Vandaag is het wat anders dan op andere dagen. We moeten wat vroeger op en de fietsen worden ingeladen in de bus. Ook de Quest. Deze gaat er als eerste in en vindt een plekje langs de ramen. Ook de andere 19 fietsen moeten er in want in de eerste kilometers zit een tunnel die verboden is voor fietsers. Na de tunnel worden alle fietsen uitgeladen en kan de rit beginnen.

We gaan nu recht naar het noorden en komen op het eiland Fehmarn. Tussen het vaste land en het eiland zit een brug met een smal fietspad. Aan het begin een klaphekje, waar de Quest net door kan en aan het eind een smal zandpaadje.

 

Het wordt een moeizame en lange dag. 5 maal is er een lekke band en ook ik ben een keer de klos. De achterband is lek.

Aan het eind van Fehmarn houdt de weg op en moeten we met de veerpont naar Denemarken. Dat gaat met de fietsen in de bus omdat dat een stuk goedkoper is. Dus inladen, een overtocht boeken, overvaren en weer uitladen. Al met al een klus die twee uur in beslag neemt. De bus rijdt naar de eerste afslag van de snelweg, waar wij de route op kunnen pakken. Het is inmiddels al diep in de middag en de Jeugdherberg wordt ingelicht over de vertraging. Het avondeten moet wachten.

Als we weer fietsen nemen we de kortste weg naar Sakskøbing. Het eten was weer prima verzorgd, maar wel meteen de laatste keer dat we in de Jeugdherberg een warme maaltijd konden gebruiken.

 

In de avond nog de stad in, maar de plaats is uitgestorven. Wel is er een pin-automaat zodat we Deense Kronen kunnen pinnen. Denemarken kent nog geen Euro’s.

 

Woensdag 5 augustus. Sakskøbing - Roskilde

We gaan vandaag verder noordelijk en komen vlak bij Kopenhagen, Het wordt een tocht door een heuvelachtig merengebied aan de westkant van Seeland (Sjælland), het grootste eiland van Denemarken.

Na 20 kilometer fietsen komen we bij een brug van 4 km lengte die ons op Seeland brengt. Het wordt broeierig warm, 25-27 graden en er zijn in dit gebied met zoveel water erg veel insecten. Vooral kleine wespachtige vliegen. Ze steken niet, maar Jan Vos krijgt er een in zijn keel. Hij weet al kokhalzend het beest na een klein minuutje gelukkig weer kwijt te raken.

 

Rondom een groot meer zijn diverse hellingen en in een van de afdalingen weet ik de snelheid tot boven de 80 te krijgen. Helaas brengt deze dag ons weer wat lekke banden en nu is bij mij ook de rechtervoorband de pineut. Kort voor Roskilde volgt nog een stukje veldrijden over een harde zandweg met veel losse stenen. Ook is er een redelijk hoogteverschil te overbruggen en ik kan al slippend op het steilste stuk nog net met 4 km/uur omhoog komen. Na nog een lange helling dalen we af naar de haven waar de Jeugdherberg in een modern, maar redelijk saai gebouw is gevestigd.

Een paar buitenbanden van anderen blijken dusdanige beschadigingen te hebben door de steenslag dat deze afgeschreven moeten worden.

 

We moeten nu zelf een plek vinden voor het avond eten en dat wordt bij “Jensens Bufhus”. Een steakhouse, waar het overigens prima eten is.

 

Donderdag 6 augustus. Roskilde - Kopenhagen

Hemelsbreed ligt Roskilde maar 25 km van Kopenhagen, maar we maken een rondrit door Seeland. Eerst 40 km omhoog naar het noorden, dan een doorsteek naar de oostkust en daarna pas weer richting Kopenhagen. Na 7 km krijg ik mijn 3e lekke band. Nu links voor, zodat alle drie de banden lek zijn geweest en er volledig nieuwe buitenbanden op zitten. Ik ben niet de enige, nog 1 of 2 deelnemers krijgen een lek.

 

 

Vandaag door de kortere afstand maar 1 pauze. Het is wel warm met 27 graden, maar we gaan het laatste gedeelte kort langs de kust en dat zorgt voor een lichte verkoeling. Overigens is het water niet breed en kun je Zweden aan de overkant zien liggen.

Na 115 km komen we in Kopenhagen aan en zoeken ons einddoel op: de kleine zeemeermin.

Een klein standbeeld dat een paar meter in het water van de haven ligt. Het is DE toeristische trekpleister van Kopenhagen, samen met het park Tivoli

 

Na een fotosessie gaan we verder richting centrum, waar de Jeugdherberg is. Er is geen mogelijkheid om de fietsen te stallen, dus ze gaan weer in de bus. We vinden een plek voor het avondeten en gaan daarna de stad in om Tivoli te bezoeken. Dit is een compact pretpark met vele, soms erg spannende attracties en heel veel eetgelegenheden. We blijven hier tot een uur of 11 en gaan dan terug naar de Jeugdherberg.

 

 

Vrijdag 7 augustus. Kopenhagen en 1e deel terugreis.

Na het ontbijt gaan we naar de bus. We krijgen een rondrit door Kopenhagen met een gids. We bezoeken alle interessante punten die te vinden zijn en stappen op een paar plaatsen even uit. Onder andere bij het Koninklijk paleis om daar het wisselen van de wacht te zien.

Rond half 2 zit de tour er op en moet de bus naar een rustplek toe om de chauffeurs tijd te geven om te rusten, zodat ze aan het reistijdenbesluit blijven voldoen.

De groep gaat daarna nog een rondvaart maken en een restaurant zoeken voor het diner, waarna om half 11 in de avond de terugreis kan worden aangevangen.

 

Het wordt nu tijd voor mij om terug te gaan. Tot diep in de avond wachten betekent dat ik pas in de loop van zondag terug zal zijn in Nederland en ook twee nachten zal moeten fietsen. Ga ik nu al weg dan zal dat met een nacht te doen zijn.

De Quest wordt uitgeladen.

 

Daar sta je dan. Klaar om weer te gaan fietsen, terwijl de overigen nog ontspannen in Kopenhagen en later met de bus huiswaarts kunnen. Maar goed, alleen weer terug fietsen lijkt me nog steeds een uitdaging. Ik neem wat eten en drinken voor onderweg mee, zeg de andere 19 (en de chauffeurs Cor en Linda) gedag en om 10 over half twee vertrek ik richting het zuiden.

 

Het eerste stuk Kopenhagen is niet eenvoudig. Ik moet op de zon een richting zoeken want borden ontbreken. Na een klein uurtje bereik ik zonder al te veel omwegen de juiste weg naar het zuiden: dit is de 151. Deze weg kan ik probleemloos volgen tot Vordingborg en daarna is het de 153 tot aan Rødby.

 

De doorgaande wegen in Denemarken zijn van goede kwaliteit en zijn vaak voorzien van een fietspad. Wel zijn ze soms als langs een liniaal door het landschap getrokken.

 

In Rødby-haven, ontbreken weer de borden voor fietsers en ik kom op een verkeerd gedeelte van de haven terecht. Even terugfietsen dus en de goede weg is snel gevonden. Voor ik het weet sta ik voor de loketten van de pont.

Ik zeg dat ik naar Duitsland wil en krijg een ticket met de instructie om rij 1 te volgen. Samen met de auto’s fiets ik daarna zo het ruim van de veerpont in. Ik zet de fiets aan de kant en op de rem en vijf minuten later vaart de pont al weg.

 

Op het schip neem ik een uitgebreide maaltijd. Het is een uur of 8 in de avond en dat is een goed moment om wat te eten. Ik verwacht niet dat ik in de nacht nog veel gelegenheden zal tegenkomen.

Als ik de maaltijd op heb, is de pont al aan het afmeren. Na precies een uur kan ik weer verder fietsen. Het is nu een uur of 9 in de avond en ik heb de eerste 170 km (van de 670 die ik berekend had) er op zitten.

Na het verlaten van de pont ben ik weer in Duitsland op het eiland Fehmarn. Als ik het eiland over ben ligt er weer de smalle brug naar het vaste land. Heen was aan het begin een klaphek en aan het eind moesten we via een paar smalle zandpaadjes terug naar de route. Nu wil ik over de hoofdweg en passeer een brug met een oprit naar de weg waarvan ik vermoed dat die naar de brug gaat. Het ziet er uit als een Autoweg en ik schat dat het nog een kilometer of 4 naar de brug is en verwacht nog een oprit die dichterbij is. Ik fiets door, maar de oprit blijft uit en na ruim 3 kilometer passer ik het punt waar we op de heenweg de brug afkwamen. Het is nu redelijk donker en ik kies er voor om terug te gaan naar de vorige oprit. Ik fiets door en een paar kilometer later sta ik weer bij de oprit. Het is nu een stuk rustiger op de weg, ze blijkt ook voor fietsers toegankelijk te zijn en probleemloos kan ik over de brede vluchtstrook het water oversteken.

 

Nu is het weer richting Lübeck, dat pal in het zuiden ligt. Het staat overal goed aangegeven, maar opeens mag ik niet verder. De weg wordt Autosnelweg.

Het is nu kwart voor 11 en er zijn geen borden met een doorgaande richting te vinden. De afslag leidt me naar Heiligenhafen en daar pak ik voor het eerst de kaart erbij om een alternatief bedenken. Die kaart(en) zijn later nog vele malen nodig en gelukkig kon ik altijd vinden waar ik was en hoe de weg te vervolgen.

 

Het is nu nacht en dat fietst prettig. Weinig verkeer en geen problemen om de hoofdweg te gebruiken in plaats van het fietspad. Ik vind de doorgaande weg die via Oldenburg en Neustadt naar Lübeck gaat en in Neustadt aangekomen is het middernacht en wel weer tijd voor een pauze. Bij een benzinestation koop ik wat frisdrank en pauzeer in totaal een kwartiertje. Ik blijf op de doorgaande weg, maar deze maakt na een tiental kilometer een grote bocht naar rechts en in plaats van naar het zuiden te fietsen ga ik nu meer westelijk. Na een paar minuten valt mij dit op en het is weer oriënteren met de kaart er bij. Als ik niet een flink eind terug wil fietsen is het alternatief om door te gaan naar het westen en dan later weer meer zuidelijk. Westwaarts is een goede doorgaande weg en ik ga via Eutin en Plön verder, hoewel de route uiteindelijk toch ook licht noordelijk is. Er zijn niet veel andere doorgaande wegen in deze streek, dus die extra kilometers neem ik op de koop toe. Na Plön is er een mooie binnenweg naar het zuiden en in Bad Segeberg kom ik weer op de route naar Hamburg uit.

 

Het is half 4 in de nacht en ik neem weer een pauze bij een tankstation. Er is wel bediening aanwezig, maar die zit in een afgesloten ruimte en ik kan de shop zelf niet in. Ik bestel wat drinken en neem er een cake bij.

Na een kwartiertje vervolg ik de weg weer. Ik zat op de B432 en die ging volgens planning naar het zuidwesten. Ik mis echter een afslag, zodat ik op de B206 terecht kom die meer naar het westen gaat. Het kost weer een aantal extra kilometers om terug op de B432 te komen. Het plan dat ik vooraf gemaakt had, zou me ten zuiden van Hamburg over de Elbe leiden, maar ik ben inmiddels al zover naar het westen gefietst, dat door Hamburg beter is. De B432 gaat rechtstreeks naar het noorden van Hamburg.

 

Tegen 6 uur bereik ik Hamburg. De Elbe vinden en er over fietsen gaat redelijk eenvoudig: je volgt de borden “Elbebrücken” en komt er vanzelf.

Daarna is het echter een crime om de stad weer uit te komen. Geen doorgaand fietspad te vinden. Alleen auto(snel)wegen en havens. Het duurt dan ook wel een uur en heel wat kilometers extra, maar uiteindelijk kom ik toch weer op de geplande route. Ik maak nu wel weer gebruik van de fietspaden want het is inmiddels vrij druk op de hoofdweg. De fietspaden zijn echter van een ondermaatse kwaliteit en de snelheid zakt hierdoor.

 

 

 

Om kwart over 8 vind ik in een voorstad van Hamburg een MacDonalds die open is en ik neem er een ontbijt. Ik kan weer probleemloos de hoofdweg volgen die mij ten zuiden van Bremen over de Weser moet leiden. Alleen in Rotenburg is het wat spoorzoeken en kom ik een keer op een doodlopende weg terecht.

Om 13 uur passeer ik bij Achim de Weser. Langzaam aan was de lucht inmiddels betrokken geraakt en nu begint het ook licht te regenen. Ik kom weer in de buurt van de route die we op de heenweg ook gevolgd hebben. Vanaf Syke ga ik dan ook redelijk gelijk op met die route, maar dan wel in tegengestelde richting.

 

Even buiten Syke is het een tijdje droog en ik neem een kwartiertje pauze aan de kant van de weg. Als ik weer vertrek is het half 3 en ik heb er ongeveer 540 kilometer op zitten. Het oorspronkelijke plan ging uit van 670 kilometer, maar door extra kilometers verwacht ik dat dit wel in de buurt van de 740 zal komen. Nog 200 kilometer dus. Het tempo is er inmiddels uit en met 25 km/uur en wat pauzes moet het nog steeds mogelijk zijn om voor middernacht thuis te zijn. Maar het schiet niet echt op. De kruissnelheid ligt meestal onder die 25 km per uur en na twee uur en 20 minuten ben ik pas 45 kilometer verder. Het gebrek aan slaap doet zich ook wat gelden en ik neem een korte rustperiode om de ogen even te sluiten. Daarnaast heb ik vrij veel last van “brandende” voeten en tenen. Ik moet dan even pauzeren, de schoenen losmaken van de pedalen en even uitstappen, waarna het weer een tijdje goed gaat.

 

Ik zie dat de batterijen van de GPS hun einde naderen en in Vechta stop ik bij een tankstation voor een langere pauze. Batterijen kopen blijkt moeilijk, maar na enig zoeken worden er wat gevonden. Na de pauze gaat het weer vlotter. Het is nu droog geworden en af en toe komt er een waterig zonnetje kijken. De kruissnelheid komt weer tussen de 25 en 30 en Nederland komt geleidelijk in zicht.

 

Bij Löningen word ik weer eens van de doorgaande weg afgeleid en kan de juiste richting niet vinden. Het kost me een kwartier, maar uiteindelijk kom ik toch weer op de juiste route. Ook in Haselüne is het spoorzoeken en ben ik 20 minuten kwijt om de weg te zoeken. Maar in een grote plaats als Meppen is de bewegwijzering prima geregeld.

Om half 10 ben ik in Twist, op een paar kilometer afstand van de Nederlandse grens. Het begint weer donker te worden en ook te motregenen. Nu volgt een doorsteek door Munsterland, waarna ik bij Hardenberg Nederland binnen zal komen.

 

Om 23 uur passeer ik de grens en ben weer in Nederland. Ik bel even later naar huis en meld dat ik aan de laatste 50 kilometer ga beginnen. Als ik niet vermoeid ben is dat een klusje van anderhalf uur, maar er staan inmiddels al ruim 700 kilometer op de teller. Nu wordt dat, inclusief een paar stops vanwege zere voeten, ruim 2 uur.

Ik passeer Ommen even na middernacht en om 5 voor half 2 ben ik weer thuis.

Uiteindelijk is het 777 kilometer geworden in een kleine 36 uur.

In die 36 uur zitten 28 uur en 3 kwartier fietstijd, 1 uur vaartijd en ruim 6 uur stilstand/pauze.

 

Eindconclusie is dat het een erg zware rit is geweest. Zwaarder dan ik had verwacht. Navigeren door onbekend terrein is veel lastiger dan ik ingeschat had. Denemarken was goed te doen. De infrastructuur in Duitsland is ingericht op auto’s maar voor interlokaal fietsverkeer is vrijwel niets geregeld.

Daarbij is de kwaliteit van fietspaden in Duitsland vaak onder de maat. Ook zijn ze te smal om zonder daglicht veilig te befietsen.

Vaak stoppen om een route te zoeken heeft veel tijd gekost, maar vooral de soms gebrekkige bewegwijzering en de als gevolg daarvan gemaakte extra kilometers hebben veel tijd gekost. Het fietsgemiddelde komt uit op 27 km/uur.

 

Gegevens:

 

Heen:

Afstand 931,98 km;                   Fietstijd: 35:04:36;                   6 etappes

Gemiddeld: 26,57 km/uur;        Hoogste snelheid: 80.2 km/uur

 

Terug:

Afstand 777,21 km;                   Fietstijd: 28:44:48;                   Totaaltijd: 35:52:00

Gemiddeld: 27,04 km/uur;        Hoogste snelheid: 85.0 km/uur