Lattrop

13 december 2014

 

Op de 13e staat een afspraak met Peter de Rond. Hij heeft het dealerschap gekregen van Rotor, een firma die ovalen tandwielen produceert. Het idee erachter is dat je meer kracht zet als je meer kracht ter beschikking hebt en minder als het niet nodig is.

 

Ik heb afgesproken om 14 uur in Lattrop en dat is (volgens de routeplanner) ongeveer 76 km.

Zonder stoppen twee en een half uur. Tegen kwart over 11 vertrek ik. Ik ben Zwolle nog niet uit of ik krijg telefoon. Ineke aan de lijn met de mededeling dat ik het gesmeerde brood op het aanrecht heb laten liggen. Dat is niet handig en alleen op een ontbijt kom ik de dag niet door. We spreken af dat Ineke het komt brengen en ik fiets door naar Urbana, aan de rand van de stad, waar we elkaar gaan ontmoeten.

Met een paar minuten ben ik daar en 5 minuten later Ineke ook.

 

Ik krijg het brood en vervolg mijn weg. De rit gaat via Wythmen en Vilsteren richting Ommen. Bij Dalfsen is recentelijk een rotonde gekomen. Deze had ik al eens met de auto gedaan en nu voor het eerst met de fiets. Daar blijkt er een rare knik in de oprit naar het fietspad op de dijk te zitten. Niet te doen met een Velomobiel. Het is wat heen en weer steken voor ik de dijk op kan. Zelfs met een gewone fiets is deze manoeuvre nauwelijks te doen.

 

Kort voor Ommen kom ik door een bosgebied en daar liggen talloze takken op het fietspad. Dit als resultaat van de stormachtige wind van de afgelopen dagen. Ook na Ommen op de weg richting Beerze ligt het bezaaid met kleine, maar ook grote takken. Ik bedenk me dat ik terug een andere route moet nemen want tegen die tijd is het al lang donker en zijn takken op de weg niet lang van tevoren te zien.

Bij Beerze komt er zelfs een tak vast te zitten in de rechter wielbak en moet ik stoppen om dit te verhelpen. Dit komt mooi samen met een geplande plaspauze.

 

Na Beerze volgt eerst Bergentheim, met een erg goed fietspad langs de weg en daarna Sibculo, waar het fietspad in de plaats juist erg slecht is.

Na Kloosterhaar en Langeveen binnendoor over de Vasserdijk naar Vasse en Ootmarsum. Nu richting Denekamp om op de rotonde voor Tilligte links af te slaan naar Lattrop. Ik heb net te laat in de gaten dat ik nog een keer links af moet slaan, maar met een kleine omweg kom ik toch goed op de bestemming. 77 km met ruim 31 als gemiddelde.

 

Bij Peter staan 4 Questen buiten en ik zet de mijne er bij. Binnen zit iedereen aan de tafel en is met de lunch bezig. Ik schuif aan en ga ook lunchen.

Na de lunch vertrekken de andere 3 en Peter begint met het vervangen van mijn tandwielen. Als dat gedaan is moet de afstelling van de derailleur gedaan worden en blijkt de versnellingskabel erg kort. Peter vervangt deze en rond half 5 is de Quest weer rijklaar.

 

We drinken nog wat koffie en ik vertrek weer voor de terugweg. Deze gaat aanmerkelijk stroever dan de heenweg.

Toen ik goed en wel weg was heb ik bij de rotonde bij Tilligte, volgens afspraak Ineke gebeld over hoe laat ze de patat-pan kan aanzetten J. Nog geen twee kilometer later is ineens de linker voorband lek. Gelukkig staan er wat lantarenpalen aan de kant van de weg zodat ik wat verlichting heb. Ik wissel de binnen- en buitenband en na een kwartiertje kan ik weer verder. Nu had ik al wat twijfels toen ik de band er om legde of ik die wel goed nagekeken was. En ja hoor 10 km verder weer lek. Nu echter ben ik een kilometer voorbij Vasse en er is geen lantarenpaal of ander licht in de nabijheid.

 

Ik pak mijn 2e reservesetje en zie dat ik niet nog meer lekke banden moet krijgen want de voorraad goede binnenbanden is op. Het blijkt een vrij strakke buitenband te zijn en het van de velg af krijgen en de reserve er weer op kost de nodige moeite. In het pikkedonker neemt zoiets toch al duidelijk meer tijd dan bij daglicht, maar na een minuut of 20 (denk ik) kan ik weer verder.

 

Potverdikkie, het licht doet het niet meer. Ik check de verbindingen en merk dat een verbindingstukje ontbreekt. Dat zat er wel op toen ik stopte, want het licht deed het normaal. Ik pak een extra lampje dat ik altijd bij me heb en pak alles wat ik in de fiets heb liggen gecontroleerd uit. Als alles er uit is nog steeds geen kabeltje. Ik schijn in de Quest en zie helemaal aan de achterkant iets liggen. Kennelijk is met het inpakken van de fietspomp deze tegen het kabeltje aangekomen en heeft het helemaal achterin geduwd.

Afijn, met lange armen krijg ik het kabeltje te pakken en zet het op z'n plek en kan weer verder. Waar is nou ineens de klep? Laten liggen? Ik loop de paar meter terug die ik inmiddels had gefietst, maar zie op de plek waar ik de band gewisseld heb (met schijnwerpers van passerende auto's), niets dat op een klep lijkt. Blijkt dat ding voor de fiets te liggen, half eronder. Kennelijk er van af gevallen en meegesleept.

Goed, nu alles weer compleet is kan ik echt verder. Het heeft wel weer de nodige tijd gekost en ik bel Ineke nog maar een keer dat het toch een uurtje extra later wordt L.

 

Omdat ik niet over fietspaden wil die in bosrijke gebieden liggen (vanwege de vele takken) ga ik rechtdoor via Geesteren naar Vriezenveen. Daar stuit ik op een grote wegopbreking op het Oosteinde en moet er een stuk lopen met de fiets.

Na Vriezenveen verder geen externe ongemakken meer, maar ik merk dat de afstand, de temperatuur buiten, het vele stoppen en de nieuwe manier van fietsen toch wat meer vergt van de spieren en het tempo gaat er volledig uit. De bult in Hoge Hexel gaat nog goed, maar het stuk daarna naar Hulsen valt vies tegen. Door Hulsen en Hellendoorn gaat wel weer redelijk, maar op de Hellendoornseberg val ik vervolgens helemaal stil.

Bij Luttenberg kan ik me enigszins herpakken en vanaf Heino ruik ik de stal. Uiteindelijk is het kwart over 9 als ik thuis ben. Zo'n 4 uur over 80 km is niet best. Het lijkt PBP wel.

 

Conclusies over de tandwielen:

- klimmen: Ik heb het idee dat het soepeler klimt dan met ronde tandwielen. De Kuiperberg ging zonder al te veel moeite. Bij de Hellendoornseberg speelden andere factoren een te grote rol voor een goede conclusie.

- vlakte: Ik merkte, zeker in de eerste kilometers, duidelijk het effect van de ovalen tandwielen. Het is net of bij elke omwenteling de trappers wat "doorschieten". Alsof je een stukje overslaat.

Na een aantal kilometers vergeet je dat overigens en trap je (voor het gevoel) weer normaal.

- spieren: Ik had onderweg veel last van vermoeide spieren. Zeg vanaf km 20 of 25. Ook na de rit nog lang gevoelige spieren. De dag erna nog duidelijk voelbaar.

Een tweede test wordt dinsdag als ik een woon-werk-rit heb gepland.